> ## Content Index
> Fetch the complete content index at: https://ontraadseld.nl/llms.txt
> Use this file to discover other available public pages before exploring further.

# Waarom warme en koude 'vlekken' in de oceaan soms naar het westen, soms naar het oosten bewegen
- URL: https://ontraadseld.nl/waarom-warme-en-koude-vlekken-in-de-oceaan-soms-naar-het-westen-soms-naar-het-oosten-bewegen/
- Published: 2026-09-11T18:59:03.000Z
- Updated: 2026-10-04T13:01:20.000Z
- Author: Ontraadseld
- Tags: klimaat

Je kent El Niño vast wel: het weerfenomeen waarbij een groot gebied warm water in de Stille Oceaan voor extreem weer kan zorgen, van droogte tot overstromingen. Maar waarom bewegen zulke warme of koude gebieden eigenlijk in een bepaalde richting langs de evenaar? Een nieuw theoretisch onderzoek geeft daar een verrassend antwoord op: het hangt niet alleen af van de temperatuur, maar vooral van de vórm van zo'n gebied.

Onderzoekers maakten een wiskundig model van een dunne laag water of lucht die om de aarde draait, met de evenaar als middelpunt. In dat model simuleerden ze grote, min of meer ovale gebieden met een afwijkende temperatuur: warmere of koudere 'vlekken' ten opzichte van hun omgeving. Dit soort patronen speelt een rol bij klimaatverschijnselen zoals El Niño, waarbij grote stukken oceaan tijdelijk warmer of kouder zijn dan normaal.

### De vorm bepaalt de richting

Het team ontdekte dat de verhouding tussen de breedte en de hoogte van zo'n vlek bepaalt of hij naar het oosten of westen beweegt, en hoe snel. Deze verhouding noemen de onderzoekers b/a: b is de lengte van de vlek in oost-westrichting (langs de evenaar), a is de lengte in noord-zuidrichting.

Is die verhouding precies 1,57 (de wiskundige waarde pi gedeeld door twee), dan staat de vlek stil. Is de vlek breder uitgerekt langs de evenaar, met een verhouding groter dan 1,57, dan gebeurt het volgende: koude vlekken bewegen naar het westen en warme vlekken naar het oosten. Maar bij een vlek die minder uitgerekt is, met een verhouding tussen 0,747 en 1,57, draait dit juist om: dan gaan warme vlekken naar het westen en koude vlekken naar het oosten.

Daarnaast onderzochten de wetenschappers ronde vlekken die niet van vorm veranderen, maar wel van grootte. De straal van zo'n ronde vlek groeit of krimpt volgens een vast wiskundig patroon. Hoe snel dat gaat, hangt af van wat er met de warmte aan de rand van de vlek gebeurt. Blijft het temperatuurverschil aan de rand steeds hetzelfde, dan groeit de straal met een bepaalde snelheid (uitgedrukt in een exponent van een kwart). Blijft in plaats daarvan de totale hoeveelheid warmte in de vlek gelijk, dan groeit de straal trager (met een exponent van een zesde).

**Wat betekent dit (nog) niet:** Dit is een wiskundig model, gebaseerd op een sterk vereenvoudigde versie van de werkelijkheid: een dunne, gladde waterlaag zonder de vele extra factoren die echte oceanen en de atmosfeer beïnvloeden, zoals wind, zoutgehalte of onregelmatige kustlijnen. Het onderzoek zegt dus niets direct over wanneer de volgende El Niño komt of hoe sterk die zal zijn. Het is één onderzoeksteam dat een theoretisch mechanisme blootlegt, geen voorspelling voor de praktijk. Vervolgonderzoek moet uitwijzen of dit patroon ook in echte metingen van oceaan en atmosfeer terug te vinden is.

Toch is dit soort fundamenteel werk belangrijk. Het helpt klimaatwetenschappers begrijpen welke natuurkundige regels ten grondslag liggen aan het ontstaan en bewegen van grote warme of koude gebieden in oceaan en atmosfeer. Die kennis kan op termijn weer bijdragen aan betere klimaatmodellen, die weer gebruikt worden om verschijnselen als El Niño beter te doorgronden.

Bron: [Large-scale dynamics of equatorial thermal spots](http://arxiv.org/abs/2609.13442v1?ref=ontraadseld.nl)