Je 'biologische leeftijd' meten met AI? Nog niet zo betrouwbaar als gedacht
Stel: je laat een scan van je hersenen maken en een AI-model vertelt je dat je biologisch gezien tien jaar ouder bent dan je kalenderleeftijd. Klinkt verontrustend, toch? Maar nieuw onderzoek laat zien dat zulke uitslagen minder betrouwbaar zijn dan veel mensen denken, zeker als je ziek bent.
De afgelopen jaren zijn er steeds meer AI-modellen die je "biologische leeftijd" proberen te schatten. Dat doen ze aan de hand van foto's van je ogen (het netvlies), scans van je hersenen, borstfoto's, buikscans of bloedwaarden. De gedachte erachter: als het model jou ouder inschat dan je werkelijke leeftijd, zou dat kunnen betekenen dat je lichaam sneller veroudert en je gezondheid slechter is.
Een systematische fout
Een groot onderzoeksteam testte vijf van deze zogeheten "verouderingsklokken": modellen gebaseerd op netvliesfoto's, hersenscans, borstfoto's, buikscans en bloedwaarden. Ze ontdekten een probleem dat de betrouwbaarheid van al deze modellen raakt.
Het probleem heet "regressie naar het gemiddelde". Dat is een bekend statistisch verschijnsel: AI-modellen die leeftijd schatten, duwen hun voorspelling vaak een beetje richting het gemiddelde van de groep mensen waarmee ze zijn getraind. Iemand die eigenlijk veel ouder of jonger is dan gemiddeld, krijgt dus een schatting die dichter bij het gemiddelde ligt dan de werkelijkheid.
Dat op zich is al lastig, maar de onderzoekers vonden iets opvallenders: deze vertekening is niet voor iedereen even sterk. Bij zieke mensen trekt het model de geschatte leeftijd veel harder richting het gemiddelde dan bij gezonde mensen. Met andere woorden: hoe ziek iemand is, beïnvloedt hoe groot de meetfout is. En die fout verdwijnt niet automatisch als je de uitkomsten achteraf probeert te corrigeren of te kalibreren.
Waarom dit ertoe doet
Dit is meer dan een technisch detail. Omdat de vertekening afhangt van gezondheidstoestand, kunnen verbanden die je ziet als je een hele groep mensen bekijkt, er heel anders uitzien binnen kleinere leeftijdsgroepen. Een conclusie die klopt voor de hele onderzoeksgroep, hoeft dus niet te kloppen voor bijvoorbeeld alleen de zestigplussers in die groep.
Daarnaast ontdekten de onderzoekers dat deze verouderingsklokken, inclusief een bekend bloedmodel genaamd PhenoAge, slecht in staat zijn om bij één individu het verschil te maken tussen gezond en ziek zijn. Op groepsniveau lijken de modellen soms zinvolle patronen te laten zien, maar voor een individuele uitslag is de voorspelling dus veel minder betrouwbaar.
Wat betekent dit (nog) niet: Dit onderzoek betekent niet dat verouderingsklokken waardeloos zijn of dat ze nooit bruikbaar worden. Het laat vooral zien dat de huidige modellen voorzichtig geïnterpreteerd moeten worden, zeker als basis voor individueel gezondheidsadvies. De onderzoekers roepen zelf op tot verdere ontwikkeling en validatie, voordat deze modellen betrouwbaar genoeg zijn om iets te zeggen over de gezondheid van één persoon.
Heb je dus ooit een AI-uitslag gekregen die zegt dat je lichaam ouder is dan je paspoort beweert? Neem het voorlopig met een korreltje zout. De wetenschap achter deze klokken is veelbelovend, maar nog volop in ontwikkeling.