Kernoorlog kan jarenlang extra huidkanker veroorzaken, blijkt uit klimaatonderzoek

Kernoorlog kan jarenlang extra huidkanker veroorzaken, blijkt uit klimaatonderzoek
Foto: Rajiv Bajaj via Unsplash

Stel je voor: je gaat zoals gewoonlijk naar buiten, maar de zon is ineens veel gevaarlijker geworden. Dat zou volgens een nieuw onderzoek kunnen gebeuren na een kernoorlog. Niet door de bommen zelf, maar door wat er daarna met de lucht boven ons gebeurt.

Een onderzoeksteam gebruikte klimaatmodellen, computerprogramma's die het weer en de atmosfeer nabootsen, om te kijken wat er gebeurt met de ozonlaag na een kernoorlog. De ozonlaag is de beschermende laag gassen hoog in de lucht die ons beschermt tegen schadelijke uv-straling van de zon. Bij een kernoorlog komt er roet in de lucht terecht, en dat roet kan de ozonlaag flink aantasten.

Twee scenario's, twee heel verschillende uitkomsten

De onderzoekers keken naar twee situaties. De eerste is een regionaal conflict tussen India en Pakistan, waarbij 5 miljoen kilo roet (5 teragram) in de lucht terechtkomt. De tweede is een wereldwijde oorlog tussen de Verenigde Staten en Rusland, met 150 miljoen kilo roet, dertig keer zoveel.

Bij het kleinere conflict raakt de ozonlaag flink beschadigd. Daardoor komt er veel meer uv-straling op aarde terecht. Vooral mensen met een lichte huid zouden veel minder tijd veilig buiten kunnen doorbrengen. Op basis van bevolkingsgegevens uit het jaar 2000 berekenden de onderzoekers dat dit binnen 10 tot 15 jaar zou leiden tot ongeveer 5.300 tot 9.800 extra sterfgevallen door huidkanker. Over de honderd jaar daarna zou dat aantal kunnen oplopen tot maximaal 75.000 extra doden.

Bij de grote oorlog tussen de VS en Rusland gebeurt het tegenovergestelde. Zoveel roet blokkeert juist zoveel zonlicht, dat er in eerste instantie minder uv-straling de aarde bereikt dan normaal. Dat zou binnen 15 jaar zorgen voor ongeveer 8.500 minder sterfgevallen door huidkanker, en over honderd jaar gerekend maximaal 17.000 minder.

Wat betekent dit (nog) niet
Deze cijfers gaan alleen over sterfte door huidkanker als gevolg van veranderde uv-straling. Ze houden geen rekening met directe doden door de oorlog zelf, of met hongersnood die zou ontstaan doordat oogsten mislukken. Het onderzoeksteam benadrukt zelf dat huidkanker niet de belangrijkste doodsoorzaak zou zijn na een kernoorlog. De schade door verstoord klimaat en voedseltekorten zou veel groter zijn. Dit is bovendien onderzoek van één team, gebaseerd op modelberekeningen en bevolkingsgegevens uit het jaar 2000, niet op een werkelijke gebeurtenis.

Wat opvalt: dit is een risico dat tot nu toe weinig aandacht kreeg in onderzoek naar de gevolgen van een kernoorlog. De meeste studies richten zich op zaken als een kouder klimaat en mislukte oogsten. Deze studie laat zien dat veranderingen in uv-straling er jarenlang, soms zelfs decennia, bovenop zouden komen als extra gezondheidsrisico.

De onderzoekers wijzen er ook op dat extra uv-straling niet alleen mensen zou raken. Ook dieren en planten, waaronder gewassen die we gebruiken voor voedsel, zouden last kunnen krijgen van meer uv-licht. Hoeveel schade dat precies zou opleveren, is nog niet in kaart gebracht.

Bron: Impacts of Nuclear War on Human Health from Changed Surface Ultraviolet Radiation